maandag 9 augustus 2010

Duistere zaken rond Mutare

Volgens de website van de Stichting Haarlem – Mutare komt er in september/oktober een tentoontstelling in het ABC architectuurcentrum over Zimbabwaanse kunst in de buitenruimte. Ongetwijfeld leerzaam en interessant. Aanleiding voor deze tentoonstelling zou zijn dat de Langebrug (beter bekend als de verfroller) opnieuw wordt beschilderd. Mutarese kunstenaars zouden een nieuw ontwerp voor de onderzijde van de brug hebben gemaakt. En dat winnende ontwerp zou dan in september/oktober onder de brug worden aangebracht.

Nog los van het feit dat voor de VVD Haarlem die bruggen niet zo nodig open hoeven, is het voor de burger niet meer te volgen wat er nu gaat gebeuren. In het stadsdeeluitvoeringsprogramma Haarlem-Centrum 2010 wordt immers gesproken over 'conserveren' van de brug, terwijl het programma Haarlem-Oost rept over 'conserveren en aanpassen van de beschildering aan de onderkant'. Dat zijn andere zaken dan het aanbrengen van een nieuw kunstwerk, zoals Haarlem – Mutare dus meent te gaan doen.

De VVD vreest ongecontroleerde en onnodige uitgaven van gemeenschapsgeld en ik heb het College van Burgemeester en Wethouders vragen over deze kwestie gesteld. Ik wil precies weten wat er nu gaat gebeuren, wie ervoor verantwoordelijk is en wat het de gemeente gaat kosten. Het is me nu allemaal een beetje te duister, daar onder dat brugdek…

U kunt de vragen hier downloaden.

zaterdag 10 juli 2010

Het been van Ripperda


Bewoners van het Ripperdaterrein zijn in opstand gekomen om een kunstwerk te plaatsen op het grote open grasveld voor hun huizen. het object in de vorm van een bronzen been van zes en een halve meter hoog (een ontwerp van Henk Visch) is een kado van ontwikkelaar Ymere. Nou was het zo dat er ooit een procedure was over eengekomen om, inclusief inspraak van de bewoners van het Ripperda complex, vanuit 4 ontwerpen van 4 kunstenaars te komen tot een eindkeuze. Toen Ymere besloot om deze procedure aan de kant te schuiven en zelfstandig een keuze te maken heeft de gemeente zich teruggetrokken uit dit project, en de verantwoordelijkheid bij Ymere gelegd. En die diende dus klaarblijkelijk zonder pardon een bouwaanvraag in. Een verontruste buurtbewoner belde mij hier vorige week over op en ik besloot om in de laatste raadsvergadering voor het reces daar meteen maar vragen over te stellen. Dat leverde op zich niet veel vuurwerk op - D66 collega Fedde Reeskamp gaf me de wijze raad om voortaan toch iets meer een standpunt in te nemen zodat het duidelijker is waar ik op uit ben - maar de kwestie is nu wel publiek en dáár ging het me in eerste instantie om. Want het deugt wat mij betreft van geen kant dat de bewoners van het Ripperdaterrein aan de kant zijn geschoven bij de keuze voor een kunstwerk in hun directe leefomgeving. De Wethouder – die naar mijn smaak de vragen wat ontwijkend beantwoordde – heeft inmiddels laten weten dat de zaak even op pauze is gezet en na het reces vervolgd zal worden. En dát gebeurt dankzij deze interventie dan in ieder geval in alle openheid. Zie ook het Haarlems Dagblad van 10 juli 2010.

zaterdag 26 juni 2010

‘Wethouder, eis ander welzijnswerk’

Net als veel andere gemeenten tobt ook Haarlem met het welzijnswerk. Een uitstekend rapport van de rekenkamer bracht een hoop aan het licht. Het vorige college slaagde er echter niet in om dit om te zetten in adequaat beleid. Er kwam weliswaar een nota 'welzijnswerk op orde' maar die ging nog steeds uit van de oude uitgangspunten. En het zijn volgens mij juist die uitgangspunten waar het aan schort. Het welzijnswerk draait om grote instituten, protocollen en programma's die aan de man worden gebracht. Uren en producten dus. En geen resultaten. En daarmee is het welzijnswerk nog steeds een verleidelijke prooi voor bezuinigingen. Maar zomaar bezuinigen is niet de oplossing en zou een gemiste kans zijn om het welzijnswerk ècht op orde te krijgen. Jos van der Lans, GroenLinks senator, schreef er over. In een interview in Binnenlands Bestuur legt hij wat mij betreft de vinger op de zere plek: 'Nu hebben welzijnsinstellingen allerlei programma's en bijeenkomsten die ze organiseren. Ik denk dat dat z'n langste tijd gehad heeft. Sport en beweging moet je als overheid zeker willen stimuleren, maar om daar zelf van alles voor op te tuigen…Bingoavonden zijn nuttig hoor, maar dat moet de samenleving zelf organiseren. Daarnaast ligt de nadruk bij welzijnsorganisaties nu wel erg veel op achterstanden. Stap uit de oubolligheid en troosteloosheid. Sociaal werk moet meer op een uitzendbureau lijken dan op een zieligheidsfabriek'. Het is me uit het hart gegrepen. Interessant is ook de oplossingsrichting die Van der Lans ziet. Hij stelt dat het nu – met de bezuinigingen – hèt moment is om het welzijnswerk te veranderen. We moeten ons afvragen hoe we een omslag kunnen kunnen naar andere vormen van organisatie en zorg die preventiever zijn en die voorkomen dat mensen aanspraak maken op duurdere zorg. Leidend moet zijn dat je mensen in hun eigen kracht stimuleert: zorgen dat mensen elkaar ondersteunen, gebruikmaken van netwerken en zelf problemen oplossen. 'Voor je ergens geld en professionals inpompt, kijk eerst of welzijnswerkers burgers bij elkaar kunnen krijgen die elkaar kunnen helpen. Het maakt mensen minder afhankelijk èn het bespaart geld'. Ik zie nu al uit naar de bespreking van de plannen die we in Haarlem gaan maken….

Lees hier het hele artikel in BinnenlandsBestuur