maandag 6 september 2010

Financiering lokale omroep

Vorige week was er in het Haarlems Dagblad het xe9xe9n en ander te doen over de lokale omroep Haarlem 105. De discussie die er op volgde had iets vervelends. Immers, maar al te snel ontstaat het idee dat er sprake is van kinnesinne als 'concurrenten' over elkaar berichten. Aan de andere kant spelen het Haarlems Dagblad xe9n Haarlem 105 ook een rol in de democratie. In die zin dat de de pers een belangrijke rol speelt in de verantwoording die de overheid aan de burger moet afleggen. Bijvoorbeeld als het over subsidies gaat. En dan is Haarlem 105 ineens een onderwerp van die verantwoording. Want de gemeente Haarlem subsidieert Haarlem 105. Dat laatste is overigens het gevolg van een besluit van de gemeenteraad uit 2008 om de zender 'representatief' te verklaren en dat leidt voor een periode van vijf jaar tot een 'zorgplicht' zoals die in de zogenaamde erkenningswet is vastgelegd. Tot nu toe passeert die subsidie redelijk kritiekloos. Dat is ook niet gek. Er zijn er maar weinig het oneens met de stelling dat er een goede lokale omroep in Haarlem moet zijn. De vaststelling van de subsidie over 2009 door het college gaf vorige maand dan ook geen reden tot vragen. Ook niet bij mij. Achteraf gezien misschien niet zo slim. Zo wordt er gesproken over het feit dat een 'recent' kijk- en luisteronderzoek aantonen dat het bereik 'onderr druk' staat. En dat er een nieuw businessplan in de maak is dat in 2010 gepresenteerd gaat worden. Ik heb de ambtenaren vandaag dus maar eens naar dat onderzoek xe9n de status van die plannen gevraagd. Evenals om de voorwaarden voor de toekenning van de subsidies die Haarlem 105 ontvangt. Want het gaat uiteindelijk wxe9l om gemeenschapsgeld en daar hebben wij, als VVD, van beloofd dat we er zuinig mee om zullen gaan. Maar voor dat ik daar een conclusie aan verbind eerst maar eens de feiten op tafel.

vrijdag 13 augustus 2010

Huisjemelken ‘beyond imagination’

Er zijn mensen die ongelofelijk in de knel zitten. Soms door eigen toedoen, soms niet. Er zijn mensen die dan een beroep op de overheid doen om het probleem op te lossen. Ze willen bijvoorbeeld stante pede een woning als ze na een scheiding op straat staan. Maar de overheid is geen geluksmachine en woningen zijn schaars. Dus daarom hebben we in Haarlem in de woonruimteverordening vastgelegd dat mensen niet zomaar voorrang krijgen boven andere woningzoekenden als ze geen eigen woonruimte meer hebben na een relatiebreuk. Die mensen zijn dus aangewezen op de particuliere woningmarkt. En helaas lopen ze daar soms tegen heel bizarre dingen aan. Zo kwam mij vandaag het xe9xe9n en ander onder ogen in het dossier van een zaak we binnenkort behandelen in de Commissie Beroep- en Bezwaarschriften Woonurgenties, waar ik voorzitter van ben. Volledig los van de vraag of de urgentie terecht of onterecht geweigerd is (waarbij de vraag dus is of de verordening juist is toegepast), blijkt de bezwaarmaker te wonen in een schuur van 1,5 bij 2,5 meter die in de tuin staat van een particulier verhuurde eengezinswoning. Er is geen gas en water. Er is geen verwarming. In de schuur staat zijn bed en een televisie. Hij moet gebruik maken van de douche en toilet en keuken die in de woning zijn. De woning wordt bewoond door nog vijf huurders. Het is er vies en onveilig. En de huurprijs voor deze riante 'woning' bedraagt bijna vierhonderd euro. Dat noem ik huisjemelken 'beyond imagination'. En met mijn verontwaardiging is deze meneer niet geholpen. En met mijn verontwaardiging lossen we het ook de woningnood niet op. En ik besef me ook dat we de woningnood wellicht alleen maar groter (of zichtbaarder?) maken als we paal en perk zouden stellen aan dit soort verhuurpraktijken. Maar dit soort dingen deugen zo ontzettend niet dat ik het niet onbesproken kan en wxedl laten. Het huidige woonruimteverdelingssysteem kan ik billijken maar we zullen strakker moeten optreden tegen dit soort uitwassen. Wordt vervolgd.

maandag 9 augustus 2010

Duistere zaken rond Mutare

Volgens de website van de Stichting Haarlem – Mutare komt er in september/oktober een tentoontstelling in het ABC architectuurcentrum over Zimbabwaanse kunst in de buitenruimte. Ongetwijfeld leerzaam en interessant. Aanleiding voor deze tentoonstelling zou zijn dat de Langebrug (beter bekend als de verfroller) opnieuw wordt beschilderd. Mutarese kunstenaars zouden een nieuw ontwerp voor de onderzijde van de brug hebben gemaakt. En dat winnende ontwerp zou dan in september/oktober onder de brug worden aangebracht.

Nog los van het feit dat voor de VVD Haarlem die bruggen niet zo nodig open hoeven, is het voor de burger niet meer te volgen wat er nu gaat gebeuren. In het stadsdeeluitvoeringsprogramma Haarlem-Centrum 2010 wordt immers gesproken over 'conserveren' van de brug, terwijl het programma Haarlem-Oost rept over 'conserveren en aanpassen van de beschildering aan de onderkant'. Dat zijn andere zaken dan het aanbrengen van een nieuw kunstwerk, zoals Haarlem – Mutare dus meent te gaan doen.

De VVD vreest ongecontroleerde en onnodige uitgaven van gemeenschapsgeld en ik heb het College van Burgemeester en Wethouders vragen over deze kwestie gesteld. Ik wil precies weten wat er nu gaat gebeuren, wie ervoor verantwoordelijk is en wat het de gemeente gaat kosten. Het is me nu allemaal een beetje te duister, daar onder dat brugdek…

U kunt de vragen hier downloaden.